STICORDI-MAATREGELEN

Hieronder vindt u de algemene maatregelen die onze school treft voor leerlingen met geattesteerde leerstoornissen. Ze kunnen door de klassenraad aangevuld worden met specifieke maatregelen voor elke leerling afzonderlijk.
We werken op de volgende niveau’s:

  Stimuleren

We werken sterk aan het opbouwen van een vertrouwensband met de leerling door begrip te tonen, de leerling niet te vergelijken met anderen maar met de eigen, vroegere prestaties.
Alle leerkrachten, maar vooral de klasleerkracht, zullen af en toe een gesprek hebben met de leerling om een beter inzicht te krijgen in zijn of haar mogelijkheden en hem of haar aanmoedigen. 
Geregeld krijgt de leerling duidelijke feedback over de gemaakte vorderingen. 
We zijn heel duidelijk in wat we als school en als leerkracht verwachten van de leerling.

 Compenseren

Er wordt individueel gecontroleerd of de leerling de vraagstelling, instructies of opdracht juist begrepen heeft.
Leerlingen met een leerstoornisattest krijgen meer tijd bij het maken van examens, toetsen en taken. 
Opdrachten met lange instructies worden opgesplitst in een aantal kortere instructies. Hierbij wordt nagegaan of de leerling de ‘rode draad’ niet verliest en worden opdrachten kernachtig geformuleerd. 
De klas wordt tijdens toetsen en examens stil gehouden zodat de leerling niet wordt afgeleid. 
Geschreven notities (handboek, agenda, schriften ….) worden op regelmatige basis nagekeken. 
De leerling krijgt de kans geschreven toetsantwoorden mondeling te verduidelijken of een toets mondeling afleggen.
Elke vakleerkracht biedt bijlessen aan. Voor de eerste graad zal dit vaak het achtste uur zijn (van 15u30 tot 16u20), voor de tweede en derde graad is dit veelal tijdens de middagpauze.

 Relativeren

In taalvakken wordt de spelling slechts voor een bepaald percentage aangerekend. De vakleerkracht bepaalt het percentage.
Bij andere vakken worden spellingsfouten niet aangerekend. Ze kunnen wel aangeduid en verbeterd worden. 
Om niet te demotiverend te werken , worden taal- en schrijffouten niet altijd in rood aangeduid maar bv. in groen.

 Dispenseren (=vrijstellen)

De leerlingen met een leerstoornisattest moeten niet, of zeer beperkt, luidop voorlezen in de klas. Indien mogelijk, laten we de leerling vooraf thuis oefenen.
Het maken van oefeningen aan het bord kan worden beperkt.

 Aanvullende maatregelen die klassikaal doorgevoerd worden:

Alle teksten die voor leerlingen bestemd zijn, worden getypt in Verdana 12.
Toetsvragen worden vooraf met leerlingen mondeling doorgenomen en nagegaan of de opdrachten begrepen zijn. 
De structuur van de les wordt duidelijk aangeboden door middel van schema’s, transparanten, cursus of notities. 
Bij elke les wordt het groter geheel aangegeven waarvan de leerstof een onderdeel is.

 Individuele aanvullende maatregelen.

Elk kind is anders. In samenspraak met de leerling of met de ouders kunnen er altijd specifieke maatregelen worden genomen. 
Zo is er de mogelijkheid om te werken met Kurzweil, een softwareprogramma dat helpt bij lezen, schrijven en studeren.